| Inhoudsindicatie | Functie-indeling. |
|---|---|
| Zaaknummer(s) | 2025-00008 |
| Datum uitspraak | |
| Categorie(ën) verschil van mening, zoals genoemd in 16.2 van de Cao Rijk |
Of aan werkzaamheden goede salarisschaal is verbonden, Of werkzaamheden passen binnen functiegroep Functiegebouw Rijk |
| Relevante cao-bepaling(en) | 6.1 |
| Uitkomst zaak | (deels) gegrond |
Waar gaat de zaak over?
De werknemer stelt zich op het standpunt dat hij niet juist in ingedeeld. De functiewaardering die is vastgesteld in het rapport beoordeelt zijn functie op schaal 11. Hij is van mening dat dit niet de complexiteit, verantwoordelijkheden en vaardigheden weerspiegelt die zijn functie daadwerkelijk omvat. De werknemer ziet niet al zijn werkzaamheden terugkomen in het advies, zodat niet inzichtelijk is hoe het advies tot stand is gekomen. De werknemer geeft daarbij aan dat de beschrijving van de werkzaamheden bij kenmerk 8 “effect van de beslissingen” niet compleet is opgenomen – en daardoor is de analyse niet volledig. De werknemer mist een aantal werkzaamheden die volgens hem zouden leiden tot een andere conclusie.
De werkgever stelt zich op het standpunt dat de werknemer juist in ingedeeld. Het standpunt van de werknemer dat in het adviesrapport niet alle werkzaamheden zijn meegenomen in de beoordeling, is onjuist. Bij de totstandkoming van het advies moet het totale functiebeeld in samenhang wordt beschouwd. De informatie die voortkomt uit het informatief gesprek wordt daarin meegenomen ter verduidelijking van hetgeen is vastgesteld in het FIF. Voor de beoordeling van de scores voor de verschillende kenmerken wordt dan ook de relevante informatie, voortkomend uit het FIF en het informatief gesprek, meegenomen in de weging. Ten overvloede merkt werkgever op dat de werknemer heeft ingestemd in de werkzaamheden welke in het FIF zijn vastgelegd en welke nadien zijn vastgesteld.
Hoe luidt de uitspraak van de commissie?
De commissie merkt op dat sinds 1 januari 2020 is aan het FGR rechtspositionele werking is toegekend, de paragrafen 6.1 en 28.5 van de CAO Rijk geven duidelijk aan dat werknemers moeten worden ingedeeld in het FGR. Voor de indeling in het FGR dient gehandeld te worden conform de afspraken binnen het Rijk zoals die zijn neergelegd in de interne leidraad van O&P Rijk | Organisatieadvies. Het werkpakket moet eerst te worden ingedeeld in een functiefamilie. Daarna dient de functiegroep bepaalt te worden en tot slot moet de functietypering (schaalniveau) worden bepaald. Er moet worden gekeken naar het organieke samenstel van werkzaamheden en het zwaartepunt van de betreffende werkzaamheden. Daarbij geldt een zorgplicht voor de werkgever ten aanzien van zowel van afstemming met, als overeenstemming tussen partijen. Een functietypering en bijbehorend schaalniveau is van toepassing indien de niveaubepalende aspecten van die functietypering in overwegende mate (70%) onderdeel uitmaken van het werkpakket.
In het geval van de werknemer ligt er aan het uiteindelijke indelingsbesluit een advies van de HR-functionaris ten grondslag. In dit indelingsadvies wordt de functie van de werknemer gewaardeerd conform FUWASYS. De commissie is van oordeel dat dit niet in lijn is met de voorgeschreven wijze conform paragraaf 6.1 en 28.5 van de CAO Rijk (en de interne leidraad van O&P Rijk | Organisatieadvies). Het werkpakket van de werknemer dient niet gewaardeerd te worden op grond van FUWASYS maar ingedeeld te worden in het FGR. De commissie constateert dat er in het geval van de werknemer een aannemelijk kans bestaat dat de niveaubepalende aspecten van de functietypering in overwegende mate onderdeel uitmaken van zijn werkpakket. Echter nu een foutieve werkwijze is gehanteerd kan de commissie überhaupt niet toekomen aan de inhoudelijke toets over het werkpakket van de werknemer. De werkgever kan zijn indelingsbesluit in alle redelijkheid dan ook niet baseren op het opgestelde indelingsadvies.
De commissie is van oordeel dat de werkgever een nieuw indelingsadvies moet laten opstellen door een externe onafhankelijke FGR-deskundige (dan wel O&P Rijk | Organisatieadvies) binnen een afzienbare termijn. Waarbij het werkpakket wordt ingedeeld in het FGR conform de daar toe geldende afspraken en niet wordt gewaardeerd op grond van FUWASYS.
Ten overvloede wijst de commissie erop dat de werkgever heeft aangegeven dat elke medewerker – vanuit goed werkgeverschap – op gelijke wijze wordt behandeld en dit ook geldt voor de functiewaarderingstrajecten en de methodiek die daarbij wordt gehanteerd. Nu blijkbaar een foutieve methodiek wordt gehanteerd, adviseert de commissie om na te gaan of de gehanteerde werkwijze van de werkgever daadwerkelijk het beleid is bij werkgever, en raad de werkgever aan om dit beleid in lijn te brengen met de CAO Rijk.
Over de uitspraken van de commissie en deze samenvatting
De geschillencommissie doet uitspraak over een voorgelegd meningsverschil. De uitspraak is echter niet bindend.
Afwijken van die uitspraak kan alleen gemotiveerd gebeuren. Dit is bepaald in § 16.2 van de cao.
Deze samenvatting is een vereenvoudigde, geanonimiseerde weergave van de officiële uitspraak van de commissie.
Aan de samenvatting kunnen geen rechten worden ontleend.
Voor vragen of opmerkingen over de samenvatting, gelieve contact op te nemen met het secretariaat van de commissie via administratie.caopjuridisch@caop.nl .