| Inhoudsindicatie | Geschil over extra IKB uren, zbo met eigen rechtspersoonlijkheid niet onder werkingssfeer CAO Rijk |
|---|---|
| Zaaknummer(s) | 2024-00327 |
| Datum uitspraak | |
| Categorie(ën) verschil van mening, zoals genoemd in 16.2 van de Cao Rijk |
Ander onderwerp |
| Relevante cao-bepaling(en) | 1.1 |
| Uitkomst zaak | (deels) ongegrond |
Waar gaat de zaak over?
De werknemer heeft tijdens zijn eerdere werkzame periode bij de werkgever een keuze gemaakt voor extra IKB-uren in verband met zijn leeftijd. Dat had te maken met het komen te vervallen van de PAS-regeling. Hij voldeed op dat moment aan de daaraan gestelde eisen.
De werknemer stelt dat hij recht heeft op 50 extra IKB-uren. Hij meent dat hij namelijk onafgebroken in dienst is geweest bij de Staat der Nederlanden. De werknemer stelt dat hij bij de vorige werkgever ook onder de CAO Rijk viel.
De werkgever stelt – samengevat – dat de werknemer geen recht heeft op 50 extra IKB-uren. Volgens de werkgever is de werknemer namelijk niet onafgebroken in dienst geweest bij de Staat der Nederlanden. De vorige werkgever is namelijk een ZBO en heeft een eigen rechtspersoonlijkheid. Als gevolg behoort de vorige werkgever niet tot de staat der Nederlanden en is sprake van een onderbreking in het dienstverband met de Staat der Nederlanden.
Hoe luidt de uitspraak van de commissie?
De commissie oordeelt dat de vorige werkgever niet behoort tot het Rijk als werkgever zoals bedoeld in de CAO Rijk. Daarvoor verwijst de commissie allereerst naar paragraaf 1.1 van de CAO Rijk waarin de werkingssfeer wordt aangegeven. De cao is van toepassing op de werknemer die een arbeidsovereenkomst heeft met de Staat der Nederlanden. In de cao wordt vervolgens bij de definitie van werknemer verwezen naar een organisatie die onderdeel uitmaakt van de sector Rijk.
Verder wordt verwezen naar paragraaf 1.2 van de cao Rijk. In die paragraaf wordt de werkgever – in de zin van de cao – gedefinieerd. Dit komt (min of meer) overeen met de definitie van de sector Rijk zoals hierboven aangehaald. Uit de toelichting op de cao Rijk inzake de definitie van de Staat der Nederlanden wordt expliciet vermeld dat enkel zelfstandige bestuursorganen zonder rechtspersoonlijkheid behoren tot de Staat der Nederlanden.
De commissie concludeert dat de vorige werkgever niet behoort tot de Staat der Nederlanden als werkgever zoals bedoeld in de CAO Rijk. De commissie verwijst daarvoor ook naar de uitleg van de cao-partijen. Het enkele feit dat de vorige werkgever de CAO Rijk volgt brengt niet met zich mee dat de vorige werkgever kwalificeert als de Staat der Nederlanden als werkgever als bedoeld in de cao.
Over de uitspraken van de commissie en deze samenvatting
De geschillencommissie doet uitspraak over een voorgelegd meningsverschil. De uitspraak is echter niet bindend.
Afwijken van die uitspraak kan alleen gemotiveerd gebeuren. Dit is bepaald in § 16.2 van de cao.
Deze samenvatting is een vereenvoudigde, geanonimiseerde weergave van de officiële uitspraak van de commissie.
Aan de samenvatting kunnen geen rechten worden ontleend.
Voor vragen of opmerkingen over de samenvatting, gelieve contact op te nemen met het secretariaat van de commissie via administratie.caopjuridisch@caop.nl .