Inhoudsindicatie

Geschil over de toekenning van een hogere schaal en functiewaardering

Zaaknummer(s) 2024-00315
Datum uitspraak
Categorie(ën) verschil van mening,
zoals genoemd in 16.2 van de Cao Rijk
Of aan werkzaamheden goede salarisschaal is verbonden, Of werkzaamheden passen binnen functiegroep Functiegebouw Rijk
Relevante cao-bepaling(en) 6
Uitkomst zaak (deels) gegrond

Waar gaat de zaak over?

De werknemer stelt zich – samengevat – op het standpunt dat hij niet juist is ingedeeld. Hij is van mening dat hij in schaal 13 ingedeeld dient te worden. De werknemer geeft aan dat er niet is gekeken naar de 14 kenmerken van het FUWASYS-weegsysteem. Hij geeft aan dat het adviesrapport van het externe adviesbureau ronduit broddelwerk is. In 2022 heeft de werknemer bij de Matching Advies Commissie aangegeven dat het aantal clusters/secties en het aantal managers is toegenomen waardoor het werk zwaarder en complexer is geworden voor de werknemer. Echter heeft de werkgever dit verschil nergens beschreven en is het ook niet meegenomen in het adviesrapport. De werkgever heeft geen heldere procedure om tot een functieprofiel te komen. Er is een document gebruikt om tot een functieprofiel te komen, maar het ligt nergens vast in een procedure. Laat staan om tot een FUWASYS-weging te komen.

De werkgever stelt zich – samengevat – op het standpunt dat het indelingsbesluit juist is. Op basis van het zorgvuldig tot stand gekomen advies van het externe adviesbureau heeft het de werkgever besloten de functie van de werknemer in te delen in Senior Medewerker Vastgoed en Infrastructuur. Dat advies is tot stand gekomen op basis van het functiebeeld dat de werkgever heeft geaccordeerd. De werkgever is van mening dat in het adviesrapport onderbouwd is aangegeven waarom de functie een indeling in schaal 11 rechtvaardigt. Daarin staat uitgebreid gemotiveerd waarom een inschaling passend is bij het genoemde schaalniveau. Daarbij wordt ook ingegaan waarom de naast hogere schaal niet van toepassing is.

Hoe luidt de uitspraak van de commissie?

De commissie wil vooropstellen dat de werkgever verantwoordelijk is voor het bereiken van de organisatiedoelstellingen. Hiertoe is het aan de werkgever om de organisatie zodanig in te richten als voor het bereiken van de organisatiedoelstellingen het meest dienstig is. De functiebeschrijving is een afgeleide van de organisatie-inrichting, zodat de werkgever een bepaalde beleidsvrijheid heeft bij het opstellen van de functie(beschrijving).

Het indelingsbesluit vindt doorgaans plaats na een onafhankelijk en extern indelingsadvies. Ook in het geval van de werknemer ligt er aan het uiteindelijke indelingsbesluit een adviesrapport en een addendum ten grondslag opgesteld door een extern adviesbureau. De commissie heeft sterke bedenkingen bij het proces omtrent dit indelingsadvies en dan met name bij het indelingsaddendum. De werkgever heeft de functiefamilie en -typering uiteindelijk gebaseerd op het addendum. Volgens de commissie is dit addendum te summier om het indelingsadvies op te baseren. In het addendum wordt (slechts) met enkele zinnen afgestapt van het indelingsadvies in het adviesrapport. De onderbouwing waarom de werknemer uiteindelijk ingedeeld dient te worden in de functiegroep Senior Medewerker Vastgoed en Infrastructuur schaal 9-11 ontbreekt in het addendum. In het adviesrapport is deze onderbouwing ten aanzien van deze functiegroep ook niet gegeven, aangezien de onderbouwing in het adviesrapport ziet op de functie van Adviseur Bedrijfsvoering schaal 11.

De commissie is van oordeel dat er een weloverwegen en onderbouwd advies aan een indelingsbesluit ten grondslag moet liggen. Nu de commissie zijn bedenkingen heeft bij het advies waarop de indeling is gebaseerd is de commissie ook van oordeel dat de werkgever zijn indelingsbesluit daar in alle redelijkheid niet op kan baseren. De commissie acht het daarom vereist dat de werkgever een second opinion respectievelijk een nieuw indelingsadvies moeten laten opstellen.

In dit geval lijken de werknemer en de werkgever ook te verschillen over de opgestelde functiebeschrijving die de grondslag biedt voor de functie-indeling. De commissie merkt daarover op dat enkel het feit dat de groep die de werknemer coördineert in de loop van de jaren steeds is gegroeid niet automatisch betekent dat sprake is van een uitbreiding van zijn werkzaamheden of sprake is van een taakverzwaring. Wel dient de werkgever er rekening mee te houden dat de afgesproken arbeidsduur van de werknemer in combinatie met de opgedragen werkzaamheden mogelijk niet meer samengaan. De commissie adviseert de werkgever dan ook om met enige voortvarendheid te beoordelen of de omvang van de groep die de werknemer coördineert hierbij nog past.

De commissie ziet ook dat het proces om allerlei redenen lang heeft geduurd. De commissie is van oordeel dat dit een bijzondere verantwoordelijkheid met zich meebrengt voor de werkgever om met een hoge voortvarendheid een second opinion aan te vragen. Daarbij zal ook de plicht op de werknemer rusten om constructief mee te werken aan het adviesrapport.

Over de uitspraken van de commissie en deze samenvatting

De geschillencommissie doet uitspraak over een voorgelegd meningsverschil. De uitspraak is echter niet bindend.
Afwijken van die uitspraak kan alleen gemotiveerd gebeuren. Dit is bepaald in § 16.2 van de cao.

Deze samenvatting is een vereenvoudigde, geanonimiseerde weergave van de officiële uitspraak van de commissie.

Aan de samenvatting kunnen geen rechten worden ontleend.

Voor vragen of opmerkingen over de samenvatting, gelieve contact op te nemen met het secretariaat van de commissie via administratie.caopjuridisch@caop.nl .