| Inhoudsindicatie | Geschil over het niet toekennen van waarnemingstoelage |
|---|---|
| Zaaknummer(s) | 2024-00259 |
| Datum uitspraak | |
| Categorie(ën) verschil van mening, zoals genoemd in 16.2 van de Cao Rijk |
Ander onderwerp |
| Relevante cao-bepaling(en) | H7.4 |
| Uitkomst zaak | (deels) gegrond |
Waar gaat de zaak over?
De werknemer stelt dat zij recht heeft op een waarnemingstoelage aangezien zij sinds meer dan een halfjaar geleden deels de functie van projectleider heeft waargenomen.
De werknemer stelt dat zij sinds het vertrek van de projectleider, bijna twee jaar geleden, de enige is binnen het cluster van de werkgever, die zich actief bezighoudt met coördinatie van de migratie van dossiers en de gebruikersondersteuners – van de diverse regio’s – actief betrokken houdt bij de migratie, de leiding neemt en de gebruikersondersteuner ook aanstuurt in hun werkzaamheden. Dit op verzoek van haar voormalige leidinggevende en de voormalig projectleider.
De werkgever stelt – samengevat – dat de werknemer geen recht heeft op een waarnemingstoelage. De werkgever geeft aan dat niet blijkt dat de werknemer de taken in het kader van de rol van gebruikersondersteuner, die volgens betrokkene gekwalificeerd dienen te worden als projectleider, op expliciet verzoek van leidinggevende c.q. werkgever heeft uitgevoerd.
De werkgever stelt tevens dat de taken die door de werknemer sinds twee jaar worden uitgevoerd niet in het kader van het vervullen van een functie zijn omdat deze niet door een andere werknemer worden vervuld. Tot slot stelt de werkgever dat de werkzaamheden die de werknemer verricht als senior gebruiksondersteuner, niet te kwalificeren zijn als werkzaamheden uit hoofde van een functie maar als een rol.
Hoe luidt de uitspraak van de commissie?
Er zijn een aantal voorwaarden voor het toekennen van een waarnemingstoelage. Ten eerste het op verzoek van een leidinggevende waarnemen. Uit de stukken en ter hoorzitting is gebleken dat geen expliciet verzoek op schrift staat vermeld. De werknemer heeft aangegeven dat zij is gestart met de werkzaamheden als gebruiksondersteuner inzake een pilot op verzoek van haar voormalig leidinggevende. Deze leidinggevende is uiteindelijk ziek uitgevallen. Het is nooit officieel schriftelijk vastgelegd dat de werknemer de werkzaamheden als gebruiksondersteuner op verzoek van een leidinggevende verricht.
Desondanks oordeelt de commissie dat impliciet sprake is van het op verzoek van een leidinggevende verrichten van werkzaamheden. Tijdens de hoorzitting is namelijk door de werknemer gesteld en ook bevestigd door de werkgever dat men op de hoogte is van de werkzaamheden van de werknemer. De werkgever houdt de situatie in stand en laat de werknemer nu nog de senior gebruikersondersteuner werkzaamheden verrichten. Deze werkzaamheden beslaan 50% van de werknemers taken. De commissie kwalificeert dit als op verzoek van de leidinggevende waarnemen van een functie.
Ten tweede moet het gaan om het waarnemen van een functie met een hogere salarisschaal. De werkgever stelt dat een gebruiksondersteuner een rol betreft en geen functie. De commissie oordeelt dat de werknemer een gedeelte van de functie van projectleider heeft waargenomen na diens vertrek. De werknemer zelf omschrijft dit als senior gebruiksondersteuner, waarbij zij deels de werkzaamheden van de projectleider verricht. De commissie oordeelt dat de werknemer een functie met een hogere salarisschaal heeft waargenomen.
De commissie kan geen uitspraak doen over de mate van waarnemen. Een werkgever dient bij gedeeltelijke waarneming een gedeeltelijke waarnemings- toelage toe te kennen. Dit betreft 50% of 75% van de volledige toelage.
Over de uitspraken van de commissie en deze samenvatting
De geschillencommissie doet uitspraak over een voorgelegd meningsverschil. De uitspraak is echter niet bindend.
Afwijken van die uitspraak kan alleen gemotiveerd gebeuren. Dit is bepaald in § 16.2 van de cao.
Deze samenvatting is een vereenvoudigde, geanonimiseerde weergave van de officiële uitspraak van de commissie.
Aan de samenvatting kunnen geen rechten worden ontleend.
Voor vragen of opmerkingen over de samenvatting, gelieve contact op te nemen met het secretariaat van de commissie via administratie.caopjuridisch@caop.nl .